Van schrijver tot zorgondernemer

Annemarie de Vries-Postma (1969), ook wel bekend als “The Sitting Chef”, studeerde rechten, was het eerste professionele model met een zichtbare handicap en is auteur van vele bestsellers over persoonlijke groei, transformatie en gezondheid. Eén van haar bekendste boeken is Ik hou van mij (er werden in Nederland meer dan 200.000 ex. van verkocht). Een aantal van haar boeken, zoals Ziels EigenwijsThe Deeper Secret en De helende kracht van acceptatie, werden in 15 talen vertaald. Na het schrijven van haar boeken over zingeving vond ze het tijd om een andere weg in te slaan: ze startte het AM lifestyle medicine center op, een medisch centrum voor gecombineerde leefstijl interventie (GLI) voor mensen met obesitas, diabetes type 2 en hart-en vaatziekten. Hoofdredacteur Carla de Ruiter ging met haar in gesprek over dit nieuwe pionierende centrum dat uniek is in de wereld.

“Mijn leven heeft echt een volledig andere wending gekregen. Eigenlijk puur vanuit mijn diepe behoefte tot zelfvernieuwing.”

Interview Pioniers Magazine, okt/nov/dec 2018

Waarom ben je gestart met het AM lifestyle medicine center en waar staat AM voor? Kan je iets meer vertellen over het ontstaan van het centrum?

Ik heb dit medische centrum voor leefstijlgeneeskunde, samen met mijn zakelijk compagnon, Joris Obenhuijsen, in 2017 opgericht, en onlangs de Dutch Society for Lifestyle Medicine. AM staat voor mijn naam Annemarie.

Ik ben zelf een middle aged vrouw van bijna 50, die al bijna 40 jaar een zittend (rolstoel gebonden) leven leidt, en toch nog altijd slank, gezond en vitaal is en nauwelijks lijdt aan de vele secundaire complicaties (zoals diabetes, hart- en vaatziekten, depressie, chronische moeheid) waar de meeste rolstoelers wél last van hebben.

Dit komt omdat ik mijn leefstijl al op jonge leeftijd inzette als medicijn. Ik besloot door mijn bevindingen om in 2006 mijn eerste voeding- en leefstijlboek te schrijven. Dit omdat ik zoveel mensen om mij heen zag tobben met hun gewicht en gezondheid en zag lijden aan depressie. Terwijl de oplossing zo dichtbij was.

Ik besloot dat iedereen moest weten welke enorme resultaten er in korte tijd te behalen zijn met een overschakeling naar een wholefoods-plantbased leefstijl (de basis van evidence-based leefstijlgeneeskunde).

Ik begon vanaf die tijd met één op één coaching, het geven van lezingen en mensen actief te begeleiden. Dag en nacht zat ik gepersonaliseerde voedingsplannen te schrijven voor mensen met overgewicht en diabetes 2, chronische moeheid en darmklachten.

Dit leidde tot ongelooflijk veel positieve reacties. Zo vielen ze in korte tijd af en diabetes type 2-patiënten konden binnen slechts enkele weken van de insuline en diabetes medicijnen af omdat de bloedsuiker- en insulinewaarden stabiel waren. Na een aantal jaren dacht ik: één op één coachen is dankbaar en het werkt, maar ik wil een grotere groep mensen kunnen helpen.

Daarbij zag ik dat het blijvend en duurzaam veranderen van leefstijl voor veel mensen toch lastig is en dat sommige mensen weer terugvallen in hun oude patronen. Ik ging op zoek naar een bewezen leefstijlgeneeskunde-aanpak die werkt, ook op langere termijn. Zo kwam ik terecht bij beproefde leefstijlgeneeskundeprotocollen in het buitenland. Ik besloot deze naar Nederland te halen en een team van specialisten samen te stellen. Zo werd AM Lifestyle Medicine Center geboren.

Wat maakt jullie centrum uniek?

We zijn uniek omdat wij de internationaal opgestelde evidenced-based leefstijl interventie behandelrichtlijnen hanteren, met als speerpunten, onze 6 pijlers van een gezonde leefstijl:

  1. Een optimaal plant-based voedingspatroon;
  2. Beweging en minder zitten (sedentair gedrag);
  3. Stress management;
  4. Slaapverbetering;
  5. Stoppen met roken/matigen alcoholgebruik;
  6. Interpersoonlijke relaties.

Voeding is een van de belangrijkste onderdelen van onze leefstijlinterventie. Alle voeding- en dieetvoorschriften moeten zijn gebaseerd op nutrition assessements- en evidence-based voedingsonderzoek. Dit is om meerdere redenene van belang.

Het is heel erg belangrijk om te vermelden, dat de richtlijnen gezonde voeding van de Gezondheidsraad niet één op één te gebruiken zijn voor de behandeling van chronische aandoeningen. De Gezondheidsraad heeft hierover zelf het volgende gepubliceerd in Hoofdstuk 1.3 Doel, domein en doorwerking;

  • In tegenstelling tot het advies van 2006 zijn in de huidige richtlijnen geen specifieke aanbevelingen opgenomen voor overgewicht of een ongewenste gewichtstoename en voor lichamelijke activiteit. In 2003 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over overgewicht en obesitas. Indien gewenst, zou de raad op enig moment dit advies kunnen herzien.
  • Het zijn ALGEMENE voedingsrichtlijnen, bedoeld voor preventie van chronische ziekten – niet voor de behandeling ervan.
  • De Gezondheidsraad stelt dat patiëntengroepen baat kunnen hebben bij de richtlijnen, al kunnen zij daarnaast nog ziekte-specifieke aanvullingen nodig hebben. Die komen echter niet aan bod in de richtlijnen van de Gezondheidsraad, alsmede vallen ook zwangere vrouwen, pasgeborenen en kinderen tot twee jaar buiten de reikwijdte van dit advies van de Gezondheidsraad.

Desondanks wordt in zorginstellingen doorgaans gewerkt met algemene niet evidence-based voedingsrichtlijnen voor specifieke patiëntengroepen. Het rapport Overgewicht en Obesitas van de Gezondheidsraad uit 2003 is een goed overzichtsrapport, maar zonder duidelijke richtlijnen. Inmiddels ook verouderd, 15 jaar geleden gepubliceerd, zodat een nieuw rapport aanbeveling verdient, zeker als de regering de strijd tegen overgewicht wil aangaan. Sinds 2003 zijn wereldwijd nieuwe onderzoeken gedaan, alsmede naar leefstijlinterventies, zodat het tijd wordt voor een nieuw rapport en voedingsrichtlijnen.

“De richtlijnen voor gezonde voeding zouden veel duidelijker en makkelijker kunnen worden opgesteld voor de bevolking, door het hanteren van de internationale richtlijnen van de voedingswetenschappers die ertoe doen in de wereld.”

De gezondheidsraad heeft in 2015 de richtlijn voor gezonde voeding aangepast volgens de huidige stand van de wetenschap, maar … die helaas tegelijkertijd ook wederom voldoen aan de belangen van de voedingsindustrie, en volgens een consensusmodel van alle betrokken Nederlandse wetenschappers in de Gezondheidsraad (die overigens, let op, niet allemaal voedingsdeskundigen zijn).

De richtlijnen voor gezonde voeding zouden veel duidelijker en makkelijk kunnen worden opgesteld voor de bevolking door het hanteren van de internationale richtlijnen van de voedingswetenschappers die ertoe doen in de wereld.

Dat doen wij als eerste in Nederland wel. Daarbij beginnen wij altijd met evidence based meten. Dat doen wij met de BODPOD. Een BODPOD-meting is de “gouden standaard” op het gebied van lichaamssamenstelling. Hij vertelt je in minder dan 3 minuten alles over jouw body compositie en je stofwisseling. Dat is heel erg belangrijk. Lichaamsvet is namelijk een betere voorspeller van iemands gezondheid dan gewicht.

 

AM Lifestyle is ook gespecialiseerd in sedentair gedraag en voeidng, en rolstoelbestaan en voeding. Hoe kan het dat wereldwijd nog niemand zich hier eerder mee heeft beziggehouden?

Het is een nieuw terrein. Dat overmatig zitten door werk of leefstijl zeer veel gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, is bekend maar er wordt weinig mee gedaan. Ja, het advies wordt gegeven om meer te bewegen, meer op te staan tijdens het werk of een fiets onder je bureau te zetten. Maar de risico’s van het zitten echt bestrijden is heel lastig. Zelfs elke dag naar de sportschool gaan of ’s avonds hardlopen of wandelen, heft de schade die overdag ontstaan is door al dat zitten, niet op, zo blijkt uit onderzoek. Dus wil je de risico’s echt bestrijden zou de moderne mens gewoon 90% mínder moeten gaan zitten. Dat lukt nagenoeg niemand. Blijft er één ding over: voeding.  Daar had – vreemd genoeg- tot op heden nog niemand over nagedacht.

Ik wel, ik schreef er in 2006 al over in mijn eerste leefstijl/voedingsboek Het Lichaam Is Perfect. Logisch natuurlijk, in mijn situatie haha. Ik werd sedentair gedrag & voedingsexpert, tegen wil en dank zou je kunnen zeggen. In eerste instantie om mijn eigen leven te kunnen overleven. Want als zitten al zo slecht is voor mensen die tussendoor nog gewoon kunnen lopen, en hun grootste spiergroep (benen en billen) kunnen bewegen, hoe ongezond is het dan wel niet voor mij?

Dus zo is mijn Sit Smart Diet (SSD-voedingsmethode) ontstaan. En toen ik daarover The Sitting Chef schreef, het boek over de gevaren van zitten en wat je daar met voeding tegen kunt doen, kreeg ik werkelijk ene tsunami van nationale en internationale reacties over me heen. Tot op de dag van vandaag eigenlijk. We hadden ineens de samenwerkingen en partnerships voor het uitzoeken. Met bedrijven, overheidsinstellingen, zorginstellingen etc. Eigenlijk ook niet vreemd. Overmatig zitten is een van de grootste volksgezondheidsproblemen van deze tijd, in zowel de welvarende als niet-welvarende landen.

Hoe komt het dat voedingsadviezen moeilijk beklijven (denk aan diëten waarna mensen daarna toch weer aankomen en het jo-jo effect)?

Om een aantal redenen. Er wordt ten eerste te weinig gekeken naar achterliggende emotionele en psychische oorzaken van bijvoorbeeld overgewicht. Dat doen wij wel, daarom is een psychologe onderdeel van ons team.

“Het heeft totaal geen zin, dit is ook bewezen, om mensen klakkeloos een dieet te laten volgen ‘omdat dat nu eenmaal goed voor ze is’.”

Daarnaast krijgen mensen vaak voedingsrichtlijnen maar niet de zo essentiële achterliggende kennis. Want om mensen gezonder te laten eten (en dan ook nog eens specifiek gericht op hun aandoening of klacht) moeten ze wel eerst weten wat gezonde voeding precies is, en wat bepaalde voedingsmiddelen en stoffen in het lichaam doen.

Het heeft totaal geen zin, dit is ook bewezen, om mensen klakkeloos een dieet te laten volgen ‘omdat dat nu eenmaal goed voor ze is’. Mensen krijgen heel veel informatie bij ons. In de vorm van les, en ook doormiddel van onze eigen voedingsboeken. “Know your why”, is een belangrijke pijler bij ons. Om een behandeling te laten slagen, is het cruciaal dat mensen begrijpen waaróm ze iets doen – of juist moeten laten. Op die manier beklijven de voedingsrichtlijnen veel beter.

En als laatste: wij geven medische kookworskhops. Dit zien wij als essentieel om een gedragsverandering blijvend te laten worden. Dit gebeurt door professionele chefs die gespecialiseerd zijn in overgewicht en diabetes type 2. Er is niets zo effectief en inspirerend als mensen echt voordoen (en laten voelen door ze zelf te laten koken) hoe ze lekkere, eenvoudige en betaalbare maaltijden kunnen bereiden tegen hun specifieke aandoening. Dat maakt een wereld van verschil als het gaat om duurzame gedragsverandering. Als ze terugvallen, of het weer even kwijt zijn, dan kunnen ze voor hernieuwde inspiratie wanneer ze maar willen terugkomen voor kookworkshops.

Jij bent initiatiefnemer van het AM lifestyle Medicine Center. Waar zien we jou in dit centrum?

Ik heb het bedacht (in 2016 al), partners gezocht en het opgezet. Ook heb ik aan de basis gestaan van alle behandelprotocollen en de GLI-Totaal module. Maanden en maanden ben ik daar, samen met 2 collega’s mee bezig geweest. Ons team bestaat uit een psycholoog, bewegingsexpert, leefstijlcoach en diëtist.

Ik ben nu nog voor korte tijd de voedingsexpert van het centrum, om de eenvoudige reden dat er in Nederland weinig diëtisten zijn die volgens de actuele internationale wetenschappelijke aanbevelingen werken, en echt thuis zijn in de wholefoods-plant based leefstijl- en voedingsgeneeskunde. Daar zijn in ons land geen opleidingen voor.

We hebben nu wel een geweldig iemand op het oog, die naar alle waarschijnlijkheid in ons centrum in Heerenveen het van mij overneemt in het voorjaar van 2019. Daarna blijf ik alleen nog de “zwaardere gevallen” doen, zoals mensen met een rolstoel gebonden bestaan met ernstig overgewicht (of ondergewicht) en andere secundaire complicaties, en ben en blijf ik ambassadeur van AM Lifestyle Medicine Center.

In oktober dit jaar en februari en maart volgend jaar geef ik bijvoorbeeld les in de VS, in New Mexico, Indianapolis en daarna in Fort Lauderdale. Mijn werk bestaat dus voornamelijk uit schrijven en internationaal, lezingen en lesgeven. Mijn leven heeft echt een volledig andere wending gekregen. Eigenlijk puur vanuit mijn diepe behoefte tot zelf-vernieuwing. Ik had kunnen blijven doen wat ik deed, mijn 23ste boek over zelfontwikkeling en zingeving kunnen schrijven. Maar dat voelde als een gelopen weg. Dat was klaar.

Je beveelt een overwegend plantaardig Sit Smart Dieet aan tegen o.a. overgewicht en Diabetes type 2. Hoe kan het dat de kennis die jullie delen, nog niet bekend is onder artsen en diëtisten?

Ja, dit doen wij omdat een wholefoods-plantaardig dieet, bewezen, het meest krachtig en effectief is voor gewichtsverlies en bij het voorkomen dan wel behandelen (of omkeren) van diabetes type 2 en hart- en vaatziekten. Bij een heel klein groepje, zijn deze feiten wel bekend. Maar de opleiding voor diëtisten in Nederland is gebaseerd op de richtlijnen van de Gezondheidsraad, terwijl deze niet bedoeld en geschikt zijn voor de behándeling (of het omkeren van) van obesitas en chronische ziekten zoals diabetes type 2 en hart- en vaatziekten.

“Een wholefoods-plantaardig dieet is, bewezen, het meest krachtig en effectief voor gewichtsverlies en bij het voorkomen dan wel behandelen (of omkeren) van diabetes type 2 en hart- en vaatziekten.”

Bovendien is de opleiding voor diëtisten sterk gestuurd door de industrie – ondanks dat men natuurlijk graag zegt dat dit niet zo is. Nederland bestaat bij de export van vlees en zuivel, dus er is heel veel “bias” in de onderzoek en de berichtgeving over voeding. Professoren die beter weten, kletsen toch vaak maar wat met de industrie mee door te zeggen: ach af en toe zuivel of vlees kan best. Om maar niemand tegen de schenen te schoppen. Terwijl dit totaal niet wetenschappelijk te verantwoorden is.

Daarnaast is er ook een categorie die maar onderzoek wil blijven doen, aanspraak wil blijven maken op de subsidies, terwijl heel veel wetenschappelijke data alláng beschikbaar zijn door gedegen en vaak decennialang onderzoek uit andere landen, kijk maar eens naar het gedegen instituut ACLM (American College of Lifestyle Medicine) in de VS.

Het gaat er nu vooral om iets te gaan dóen met al die kennis. Maar als mensen hier dat zouden erkennen/bekennen, valt voor de meeste van hen vaak een jaarinkomen aan gesubsidieerd flauwekul onderzoek weg, want echt álles wat we moeten weten over voeding en obesitas, diabetes 2 en hart- en vaatziekten ís er al. Maar men wil ons altijd maar graag laten geloven dat er meer onderzocht moet worden.

En dat die kennis niet bekend is komt ook doordat bepaalde beroepsgroepen, medisch specialisten, wars zijn van evidence-based onderzoek als het om voeding gaat. Dit komt eigenlijk uitsluitend door gebrek aan kennis. Dit zou op zich niet erg zijn, ware het niet dat ze vaak de bescheidenheid niet hebben om hun kennislacune toe te geven, en om eerlijk toe te geven dat hun behandelmethodes doorgaans helemaal niet altijd evidence-based zijn of slechts een hele lage wetenschappelijke indicering hebben. Dit is bijvoorbeeld nadrukkelijk het geval in de relatief jonge revalidatiegeneeskunde.

De revalidatiearts met wie ik mijn laatste boek schreef, Dr. Kees Hein Woldendorp, heeft me dat allemaal geleerd. Hij heeft me echt lesgegeven in beoordelen of en in hoeverre iets gedegen wetenschappelijk is onderbouwd. Hij heeft me laten zien, aan de hand van de behandelprotocollen in de revalidatie, dat de behandelingen in feite vaak maar op weinig evidence-based kennis gestoeld is. Toch is de arrogantie in de revalidatiegeneeskunde enorm, en is de bereidheid om kennis toe te laten en aan te nemen van buitenaf zeer gering tot nihil.

Waar komt jouw fascinatie met voeding vandaan?

Van mijn moeder. Toen ik in de tachtiger jaren een dwarslaesie kreeg en in een rolstoel terechtkwam, was er weinig tot geen kennis over de gevaren van zitten en dwarslaesie en veroudering, en al helemaal niet (nu nog steeds niet) over zitten/dwarslaesie & voeding.  Maar ik had geluk. Mijn moeder verdiepte zich in werkelijk alles wat een zittend leven voor mijn lichamelijke en geestelijke gezondheid zou betekenen. Ze volgde cursussen op het gebied van gezonde voeding en gooide vervolgens in één klap ons eetpatroon om.

Het was voor haar gewoon een logische kwestie: veel zitten betekende drastisch anders gaan eten, om toekomstige gezondheidsellende voor te zijn en ervoor te zorgen dat ik op een vitale, fijne, mooie manier ouder kon worden. Dag in dag uit bracht ze trouw pannetjes met eten naar het revalidatiecentrum, waar ik vijf jaar lang intern verbleef. Zij begreep toen al dat het niet logisch was om als zittend mens op dezelfde manier te blijven eten als ik daarvoor deed, en dat dit op termijn onherroepelijk tot problemen zou leiden.

Door onze manier van eten was ik, ondanks dat ik vanaf mijn elfde alleen nog maar zat, altijd vrolijk, superslank en gezond, en zag ik er eigenlijk opvallend gezonder uit dan andere kinderen in de revalidatiecentra waar ik jarenlang verbleef; zo opvallend zelfs dat ouders van de andere kinderen mijn moeder regelmatig vroegen: ‘hoe kan het, dat Annemarie zoveel levensspirit heeft, er zoveel beter uit ziet dan mijn zoon of dochter en dat ze zo slank blijft? Mijn moeder probeerde ze dat wel uit te leggen maar veel mensen namen dat in die tijd niet al te serieus. Het werd een beetje weggewuifd als ‘extreem alternatief’. Maar dat was het allerminst; wat zij deed was bijzonder intelligent, extreem vernieuwend en vooruitstrevend.

“Door onze manier van eten was ik, ondanks dat ik vanaf mijn elfde alleen nog maar zat, altijd vrolijk, super slank en gezond, en zag ik er eigenlijk opvallend gezonder uit dan andere kinderen in de revalidatiecentra waar ik jarenlang verbleef.”

Welke transformatie heb je zelf ondergaan na het overstappen op gezonde voeding? (en je eigen SSD).

Gezond eten deed ik, door mijn moeder, dus al vanaf mijn vroege jeugd, maar op een zeker moment ben ik echt een voedingswetenschap-nerd geworden. Er gebeurde in de afgelopen 30 jaar enorm veel op het gebied van de werkelijke voedingswetenschap. Er werden talloze wetenschappelijke onderzoeken, gepubliceerd in toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften, zoals onder andere American Journal of Clinical Nutrition, The American Dietic Association, Diabetes Care, PLoS ONE, Nutrients en Journal of Geriatric Cardiology die de, niet meer te negeren, link aantonen tussen de consumptie van vlees en zuivel en het verhoogde risico op diabetes en hart- en vaatziekten – iets wat mijn grootste gezondheidsrisico’s zijn als vrouw in rolstoel. Ik vond die hele tak van wetenschap dan ook steeds interessanter en spannender worden.

Daarbij kwam dat ik, zo ongeveer rond mijn 45ste, begon ik te voelen dat gezond en vitaal ouder worden met een beperking bepaald geen sinecure is. Zelfs voor mij niet, iemand die haar leven lang al gezond en vegetarisch at. Ik was, dankzij het voedingsbewustzijn dat ik van mijn moeder meekreeg, weliswaar altijd nog het meest gezond (en op gewicht) van de meeste van mijn vrienden (onder wie ook een aantal rolstoelers), had recent een harttest gedaan, mijn longen laten testen en uitgebreid vaatonderzoek laten doen.

De uitslagen van al die medische onderzoeken waren bijzonder goed. Mijn vaten klopten overal even enthousiast, waren brandschoon en glad vanbinnen; er was geen enkele verkalking of afzetting te zien. De hart- en vaatspecialisten waren verrast en verwonderd. Ik liet immers eigenlijk een beeld zien wat – in positieve zin – volkomen abnormaal was. De wachtkamer van de hart- en vaatpolikliniek zit vol met lopende patiënten… En hier werden de specialisten geconfronteerd met de onderzoekuitslagen van iemand die al bijna 40 jaar een 100% sedentair leven leidt en tóch de vaten had van een gezonde, jonge vrouw. Er was geen vaatafzetting of verharding te bespeuren.

Toch merkte ik zelf dat ik qua gezondheid weer een volgende stap moest gaan maken. Want, hoewel de uitslagen van het medisch onderzoek bemoedigend en bevestigend waren (mijn manier van eten werkte dus), begon ik zelf wel degelijk het effect van al die jaren zitten te voelen – niet in de laatste plaats omdat ik een workaholic ben die ruim 25 jaar het leven had geleefd van – zoals mijn huisarts wel eens zei- ongeveer 3 fysiek volkomen gezonde vrouwen tegelijk!

Maar dat accepteerde mijn lichaam niet meer – althans niet meer op de manier zoals ik gewend was. Mijn lichaam riep echt om een andere, compassievollere benadering en meer zorg; niet alleen om slank te blijven en dit zittende leven “vol te kunnen houden” maar ook om op een gezonde, waardige (en mooie) manier ouder te kunnen worden.

Ik las elk boek dat ik maar kon vinden op voedingswetenschappelijk gebied en elke studie die ik maar te pakken kon krijgen. Ik las talloze interessante onderzoeken die werden verricht onder duizenden proefpersonen en die verschenen in belangrijke medische tijdschriften. Al snel werd me duidelijk dat er een overweldigende consensus bestaat onder ware voedingswetenschappers als het gaat om het optimale dieet voor gezondheid en een gezonde levensduur. En dat dit veruit het meest functionele voedingsmodel is voor mensen met een zittend bestaan. Mijn eigen eetpatroon evolueerde ook weer mee met mijn nieuwe kennis en inzichten.

Ik at mijn leven lang al onbewerkte voeding en was vanaf mijn elfde jaar al vegetarisch. Maar de gelopen jaren schoof mijn vleesloze eetpatroon steeds meer op naar een volledig plantaardige manier van eten en liet ik dus ook de zuivelproducten staan. In eerste instantie vanuit ethische overwegingen. Maar al gauw bleek dit ook voor mijn zittende gezondheid een cruciaal besluit. Ik stond werkelijk versteld van het enorme effect wat dit op mijn gezondheid en energie had en op de ontstekingsgevoeligheid van mijn lichaam en mijn huid. Wat door dermatologen als “overgangsacné” (Rosacea) en couperose werd bestempeld, verdween werkelijk in korte tijd als sneeuw voor de zon, en ook van blaasontsteking, verkoudheid of griep, slechte adem of tongbeslag heb ik daarna nooit meer last gehad.

De grootste verschuiving is dus geweest: van vegetarisch eten, en nog wel brood en pasta en bewerkte voeding naar een volledige wholefoods-plantbased leefstijl – wat iets wezenlijk anders is dan veganistisch. Veganisten eten weliswaar ook geen dierlijke eiwitten- maar eten vaak wel nog witmeelproducten, suiker en bewerkte voeding. Dat doet iemand die wholefoods-plantbased eet niet.

Hoe reageren huisartsen en medisch specialisten op jullie initiatief?

Heel erg positief. We krijgen steeds meer berichten van huisartsen die willen doorverwijzen en willen samenwerken (in ons team zitten ook een specialist en een huisarts trouwens). Huisartsen zien als geen ander hoe het ervoor staat met de gezondheid van mensen, en worden – zoals zij het zelf zeggen- vaak moedeloos als ze een patiënt voor de zoveelste keer in de wachtkamer zien zitten vanwege overgewicht en diabetes en aanverwante klachten maar ze eigenlijk niets voor deze patiënten kunnen doen (anders dan medicatie voorschrijven) én deze patiënten er zelfs niets aan doen (veelal ook door gebrek aan kennis). Zij wéten natuurlijk dat het anders kan en moet maar missen doorgaans – zoals Stichting Arts & Voeding ook heeft aangegeven – de voedingskennis om mensen te helpen met een blijvende gedragsverandering als het gaat om hun verkeerde eetgewoonten.

Er komt binnenkort een nieuw boek uit van je voor mensen met een dwarslaesie. In hoeverre is de inhoud anders dan je eerdere boek “The Sitting Chef”?

Dit boek schreef ik samen met revalidatiearts Dr. Kees Hein Woldendorp, en is echt specifiek en tot in detail gericht op de vele secundaire gezondheidscomplicaties van een rolstoelbestaan en de versnelde veroudering. Voor elke “groep” en elke aandoening is er wel een dieetboek, maar voor de populatie (degene waartoe ik zelf behoor) die een aangetoond zeer hoog risico heeft op nagenoeg álle chronische en levensbedreigende aandoeningen tegelijk, was er tot op heden niets. De health cultus is booming wereldwijd. Maar rolstoelers zijn letterlijk “een vergeten groep”. Wij vinden het tijd dat daar verandering in komt.

Er zijn zoveel tegenstrijdige adviezen als het gaat om voeding of leefstijl. Welke standaarden hou jij aan?/ waar komt de kennis of evidence based methode en/ of inspiratie vandaan? Kortom: hoe ziet de consument nog door de bomen het bos?

Omdat iedereen iets van voeding denkt te weten, maar vaak de klepel vaak wel hebben zien hangen maar de klok nooit hebben horen luiden. Mensen leggen dingen die ze lezen vooral ook graag uit op de manier die ze het beste uitkomt (mensen houden nu eenmaal niet van verandering dus doen er alles aan om alles bij het oude laten en hun eigen voedingsgewoonten te vergoelijken).

En dan zijn er natuurlijk altijd wel familieleden, vrienden of collega’s die beweren hét antwoord te hebben, gebaseerd op boeken die ze gelezen hebben, diëten die ze gevolgd hebben of de ‘laatste informatie’ die ze gehoord hebben van hun fitness trainer of die ze lazen in pseudo wetenschappelijke artikelen (daar zijn er veel van).

Er bestaan honderden filosofieën over eten, en er zijn enorm veel mensen en organisaties die er belang bij hebben om bepaalde voedingsmiddelen (vlees, zuivel) of diëten te promoten; het is dan ook best te begrijpen dat zo veel mensen door de bomen het bos niet meer zien en totaal verward raken door de vele keuzemogelijkheden voor op hun bord.

Maar als het aankomt op werkelijke wetenschap, dan bestaat er een verrassend robuuste consensus als het gaat om de voeding die ons ziek of juist gezond maakt. De vooraanstaande biochemici en echte voedingswetenschappers in de wereld (die hebben we in Nederland niet) bevestigen dit.

Zoals bijvoorbeeld de bekende Amerikaanse voedingswetenschapper Walter Willett. Hij is professor aan de Harvard School of Public Health en Harvard Medical School, schreef ruim duizend wetenschappelijke artikelen over de relatie tussen voeding en gezondheid (vooral op het gebied van hart- en vaatziekten en kanker) en herschreef de Amerikaanse voedselpiramide volgens de laatste wetenschappelijke inzichten. Hij zegt: ‘Er is genoeg uitvoerig bewijsmateriaal van betrouwbare bronnen, om simpele maar overduidelijke voedingsrichtlijnen uit te genereren’.

Het is juist al het reeds bestaande bewijsmateriaal dat maakt dat universiteiten zoals Harvard University en befaamde ziekenhuizen zoals de Mayo-klinieken en landen zoals Oostenrijk, inmiddels volledig andere voedingsmodellen hebben opgesteld. Zo bestaat de basis van de Oostenrijkse voedingspiramide en die van de Mayo-klinieken bijvoorbeeld niet meer uit brood, pasta, aardappelen en rijst maar uit groente en fruit.

Uiteraard zullen er op het gebied van voeding altijd controverses en tegenstrijdigheden zijn, helemaal als we ons focussen op details, en er is ook nog altijd veel wat de wetenschap nog niet begrijpt over het complexe samenspel tussen het voedsel dat we eten en de gecompliceerde werking van ons lichaam.

En ook journalisten en schrijvers zoals ik, die zich hier al tientallen jaren mee bezig houden en altijd blijven zoeken naar de laatste studies en inzichten, beschouwen zichzelf als levenslange studenten in de voedingswetenschap. Maar wat we reeds wél weten is genoeg om onze gezondheid ingrijpend te veranderen, het risico op chronische aandoeningen aanzienlijk te verminderen en onze levensduur te verlengen. En wat weten is dit: een onbewerkt, overwegend (90% +) plantaardig eetpatroon met minder snelle koolhydraten en zetmeelrijke producten, is het meest optimale voedingspatroon voor gezondheid en healthy aging.

Wat is jouw wens voor de toekomst op het gebied van leefstijl? Komt er een vervolg met waar je mee bezig bent?

Dat leefstijlgeneeskunde een, door het ministerie erkend, medisch specialisme wordt. Dat het eerstelijnszorg wordt, waarmee ik bedoel dat er bij gezondheidsklachten direct wordt gestart met kijken naar iemands leefstijl en niet achteraf of als bijzaak. Dat artsen “outside the pillbox” gaan denken, en de vraag: “Wat slik je?” gaan vervangen door “Wat eet je, en wat heb je in je koelkast staan?’

Verder hoop ik dat er in Nederland een opleiding komt voor diëtisten waar voedingsrichtlijnen worden onderwezen volgens de laatste stand van de wetenschap, en  niet gebaseerd op de algemene richtlijnen van de gezondheidsraad, en gestuurd door de (vlees- en zuivel) industrie zoals nu in Nederland het geval is.

Wij zijn nu bezig met de ontwikkeling van “GLI-Totaal”. Dat is een intensief, multidisciplinair programma voor Gecombineerde Leefstijl Interventie, gericht op voeding en beweging en aandacht voor gedragsverandering, dat nu bij het RIVM ter beoordeling ligt. Hier kunnen straks alle centra in Nederland mee gaan werken. We zijn inmiddels ook al bezig met meerdere centra, ook in de VS, waar we volgend jaar februari de eerste stappen voor zullen zetten.

Leefstijlgeneeskunde is niet meer te stoppen, en is de absolute toekomst. Steeds meer artsen zullen voeding en leefstijl gaan inzetten als medicijn. Want het wordt steeds duidelijker dat ziekte, en de daarmee samenhangende kosten, voor een belangrijk deel vermijdbaar zijn als we andere keuzes zouden maken. Als individu, als samenleving en als gezondheidszorg.